Beertje

Rubik’s beertje, een variant op de beroemde kubus, bestaat uit zes elementen: twee voor de kop, twee voor de romp en twee voor de poten. Het rechteroor vasthoudend, zijn er vier draaiingen: omdraaien van de linkerhelft (rood), omdraaien van de romp (groen), omdraaien van de poten (blauw), omdraaien van romp en poten (paars).

Het beertje heeft met deze draaiingen 48 verschillende verschijningsvormen. Dat is een mooi aantal: niet onoverzichtelijk groot en niet oninteressant klein.

De 48 vormen van het beertje gaan met de rode, groene en blauwe draaiingen als volgt in elkaar over:

Of regelmatiger gerangschikt:

De 48 vormen van het beertje gaan met de rode, paarse en blauwe draaiingen als volgt in elkaar over:

Of regelmatiger gerangschikt:

Dit is de cykelgraaf.

[orde:#]: [1:1], [2:23], [3:2], [4:8], [6:10], [12:4].

[cykellengte:#]: [2:18(23)], ([3:1]), [4:3(4)], [6:4(5)], [12:2].

GAP ID = [48,38], D4 x S3